BARTS BABY

Aan de meeste papa’s en mama’s (maar niet allemaal): het gezeik van een zwangere

Barts Boekje - alles goed

Spoiler Alert! Of beter: waarschuwing! Dit zou in de ogen van sommige mensen namelijk zomaar eens best een negatief stukje schrijven kunnen worden. Terwijl ik – zeker qua zwangerschap – juist niets te klagen heb. Dat is namelijk precies het onderwerp van deze klaagzang – voelt u de ironie? Het betreft hier namelijk een potje non-hormonaal doch ietwat irreëel (vind ik zelf ook hoor; er zijn volop voorbeeldmoeders die het tegendeel bewijzen) van me aftikken over ‘die nieuwe fase’ en deze ‘spannende tijden’. Pleister eraf: ja, ik ben zwanger, nee ik heb geen last van allerhande kwaaltjes en geuren en nee, eerlijk gezegd voel ik me helemaal niet nieuw of anders en vind ik het niet allemaal dusdanig spannend dat mijn wereld er volledig van op zijn kop staat. Vind ik het leuk om zwanger te zijn? Jawel. Wilde ik dit? Jazeker. Besef ik me dat alles straks voor altijd anders zal zijn? Terdege. Verwacht en hoop ik dat onze baby de ALLER-mooiste, knapste en liefste op aarde wordt, en dat hij (het is een hij) in goede gezondheid minstens 120 jaar oud mag worden en het geluk in het leven vindt? Ja. Duh. Staat mijn leven stil en ben ik minder geinteresseerd in alles waar ik zeven maanden geleden nog zo vol van was? Nee. Pertinent niet. Om daar een schepje bovenop te doen: vind ik ineens andere dingen lekkerder/ leuker en/ of interessanter dan voorheen? Allerminst.

Wat niet wil zeggen dat mijn maatstaf ieders maatstaf is/ zou moeten zijn. Het tegenovergestelde juist, dat is precies de reden van dit relaas: doe wat voor jou werkt, en laat een ander in alle rust en vrede (en op zijn of haar tempo) hetzelfde doen.

Barts Boekje - zwanger1

Lieve vaders en moeders, want ja, ‘ouders van nu’, vooral jonge, ‘hippe’ moeders maar zeker ook de vaders waarvan ik vermoed dat ze een zeikwijf (sorry, maar daar zijn er toch ook echt een aantal van – de vrouwen met oprechte fysieke problemen uiteraard buiten beschouwing gelaten) thuis hebben zitten: het klopt, jullie ontloop ik vanwege jullie goed bedoelde maar o zo dwingende adviezen en meningen. Niet omdat ik jullie geen lieve mensen vind. Welnee. Ik kon het meer dan goed met jullie vinden voordat jullie me in jullie clubje op wilden nemen. Maar nu dat wel het geval is, nu ik een soort van gouden ticket lijk te heb gewonnen die me het ‘recht’ geeft om aan te haken bij ‘alles waar ik het bestaan niet van wist’ (jullie woorden), laten jullie me zelden met rust. Alsof mijn (ons) leven nu pas gaat beginnen (terwijl ikzelf vind dat de afgelopen 36 jaar pretty awesome waren). Helaas, ik deel jullie liefde voor een kind dat ik nog helemaal niet ken nog niet, en dat is prima – komt wel. En nee, ik heb de klachten die jullie hebben niet, en al had ik ze wel, dan wilde ik het er nog niet over hebben – het huisje-kruisje-verhaal blijft in mijn optiek binnenshuis. Heel ouderwets maar dat vind ik nu eenmaal fijn. O, en aan de bloggers/ vloggers: sorry lieve schat maar nee, je doorbreekt geen taboe door het online te hebben over hoe normaal het is om ‘scheetjes’ te laten (maar jij niet hoor! O nee, jij niet), ‘cravings’ te hebben, moe, humeurig en misselijk te zijn, de roze wolk te missen en wat niet meer. Reality check: vrijwel iedere (bijna)moeder heeft dit en wil dit klaarblijkelijk delen, zoekend naar een bondgenoot die de fictieve roze wolk ook nog nooit heeft mogen spotten. Snap ik ook hoor! Dat doe ik hier as we speak immers ook. Maar een taboe? Nee, allang niet meer. Ik sprak pas een kennis – die ik per direct tot hartsvriendin wil bestempelen – die net een kindje heeft gekregen en aan wie ik vroeg hoe het allemaal ging (me schrap zettend). Het antwoord: supergoed! Einde verhaal en over op de orde van de dag. Kijk, dat vind ik nou taboedoorbrekend.

Barts Boekje - wiegje

Dus lieve papa’s, mama’s en zwangere medemens, mochten jullie dit lezen: ik besef me dat dit stuk me waarschijnlijk niet perse geliefd maakt (want o de gevoeligheid van het onderwerp) maar ach, dat mag. Vandaar een aantal misschien niet altijd even gewaardeerde antwoorden op een aantal van de meest gestelde vragen van de afgelopen 5 maanden (voor het ‘huh, je zei toch 7 maanden?’ klinkt: yes, maar die eerste maand wist ik van niks, en de tweede maand jullie niet):

Of ik al last heb van… [vul maar in]?
Geen algemeen ‘hoe gaat het met je?’ of ‘hoe voel je je?’ (hoewel die face to face vaak voorzien wordt van een alleszeggende blik vol tenenkrommend begrip), maar of ik niet al te veel last heb van een specifieke kwaal. Zelfs van een man die ik zelden tot nooit spreek en waarvan ik nu 100% zeker weet dat de moeder van zijn kinderen een aantal maanden non-stop geklaagd heeft (anders dénk je er toch niet aan om zo’n vraag te formuleren? Uit het niets?). Ja, het is lief bedoeld, I know, maar waarom niet positief om het vervolgens te hebben over het boek waaraan ik heel hard werk? Of de reis die we pas hebben gemaakt? Of liever nog: over al jóuw bezigheden waar ik juist zo ontzettend nieuwsgierig naar ben? Waarom is het ineens zo dat al het andere onbelangrijk is, overstemt door details? Ik weet het antwoord heus wel: een kind krijgen is groots en veel zwangeren kunnen nog maar aan één ding denken (wat me beseft: ik zou het vreselijk, maar echt vreselijk vinden om mensen voor het hoofd te stoten of te beledigen wie het geluk niet hebben om een kindje op de wereld te zetten! Dat dit duidelijk is), maar mij ergert het om het dag in dag uit over die baby (mag je ook niet zeggen schijnt, ‘die baby’) in the making te hebben, en dan vooral over eventuele klachten die ik bijzonder ondergeschikt vind aan het dagelijks bestaan. Eerlijk gezegd. Niet dat ik het helemaal niet over ‘die baby’ wil hebben hoor. Alleen liever positief graag. Want hoewel bij meeste zwangeren klagen de norm lijkt, geldt dat echt niet voor iedereen en een positieve of anders dan toch algemene benadering is veel gezelliger (en stukken gemakkelijker luchtig in een hoek te parkeren).

Barts Boekje - zwanger

Of de nesteldrang al op begint te spelen?
Ben ik een vogel? Ik houd niet van schoonmaken, ben er ook niet goed in en wil dat ook niet worden, idem wat betreft opruimen. In het verlengde daarvan: nee, we zijn nog niet aan de kinderkamer begonnen en nee, het kriebelt ook niet. Komt goed hoor, that’s how we roll, de man en ik, en we hebben nog tijd.

“Wacht maar… Dat komt nog wel”
Heb je dat zinnetje zelf tijdens het lezen van bovenstaand al gedacht? Eerlijk? Je bent de enige niet hoor. In den beginne wilde ik al het geouwehoer over babykamers, luiers, kolven, gewicht, opvang, kinderwagens, speeltuinen, luiercreme, (jullie) kinderen en het nog veel (veel) vaker voorkomende ‘it ain’t a walk in the park’ nog wel weg glimlachen. Zo heurt dat immers. Maar na een paar sociale evenementen, door mij steeds minder vaak bezocht en niet omdat ik moe ben, komt toch de botte knoest in mij naar boven en móest ik een paar bijzonder volhardende moeders (en een vader) die na een vriendelijke doch echt wel duidelijke poging tot een onderwerp-switch maar door bleven gaan over kinderen in het algemeen maar nog veel vaker over hun eigen kinderen (vergezeld van foto’s…), van repliek dienen. Gewoon, door er op wijzen dat ik het ook graag over andere zaken wil hebben (en om van die o-wat-is-het-vast-allemaal-zwaar-voor-je-maar-ik-leef-met-je-mee-blik af te zijn). Reactie van gesprekspartner: een harde lach en Die Ene Afschuwelijke Zin: “Wacht maar… Dat komt nog wel”. Reactie in mijn hoofd: ik sla je met een stoel. Ik ken namelijk echt wel moeders die het niet bij ieder onderwerp, van schoenveter tot kerstboom, over de kinderen hoeven te hebben. Bij hun clubje wil ik graag.

Nee dank je…
Ik weet het, het is wederom mega lief bedoeld en ik weet zeker dat veel mensen die in een minder luxe positie verkeren er blij mee zullen zijn, maar ik hoef je vuilniszakken vol tweedehands kleding niet. Na het zoveelste aanbod van kleding, wiegen, boxen (er kwam zelfs een gebruikte kolf voorbij) en meer van dat, wordt afwijzen soms zelfs een beetje ongemakkelijk. Echt, we verdienen een prima boterham en krijgen een kindje, wellicht maar één keer, en we willen voor dat ventje heel graag nieuwe, frisse spulletjes uitzoeken. Dus ondanks alle lieve bedoelingen: nee dank je. Mocht je toch wat aan te bieden hebben aan een zwangere, pols dan vooraf even lief of ze het leuk zou vinden. Gaat ze waarderen, heus (dit is namelijk een veel gehoorde, daar gaan we weer, klacht).

“Je moet wel genieten hoor” [belerend toontje]
Euh ja natuurlijk, of is er een soort van graadmeter waaraan ik mijn geniet-modus kan meten om te laten zien dat ik het wel goed doe?

Barts Boekje - preggers

“Hé dikke” [voelt aan buik]
Waarom denken mensen dat ze je, als je zwanger bent, mogen beledigen? Ik ben niet dik, zelfs (nog) niet opgeblazen. Vind zelf eerlijk gezegd dat ik er boven verwachting (mijn eigen verwachting) goed uitzie (en dat heb ik anders nooit). Ja, mijn buik is gegroeid, er zit namelijk een baby in. Dat is wat anders dan ‘dik’. Ook gehoord: ‘vetzakje’. ¿Qué? Het ‘-je’ maakt het echt niet beter.

“Oh, doe je dat niet??” / “Oh, is dat wel verstandig??” [belerend toontje]
Oh de aannames. Sorry, maar ik heb geen behoefte aan boeken, cursussen of aan het me in groepsverband in het zweet werken. Onze verloskundige zegt bovendien dat dat helemaal hunkydory is en ik niet hoef als ik niet wil. En ja, we gaan nog naar Mexico ook al ben ik dan ruim 7 maanden zwanger. Mag ook van de verloskundige. En als zij zegt dat het goed is, dan hoef jij niet perse ongevraagd te beweren dat het niet oke is, toch?

Moeder-maffia
En dan vertelde een vriendin (die bovenstaand maar al te goed begrijpt – I’m not alone) dat het met een baby alleen nog maar erger wordt! O nee… De bekende ongevraagde meningen over borstvoeding (je moet moet moet…), onbekenden die in je kinderwagen duiken, bekenden die je met een medelevende blik aan kijken en vragen of je het allemaal nog wel trekt (nogmaals; positief mensen! Ik denk dat ik het zelf wel aangeef als ik het niet trek), schoolpleingroepjes met ongeschreven regels waarvoor je jezelf compleet nieuwe sociale vaardigheden aan moet leren (dat gaat natuurlijk nooit goed komen) en meer. O help. Dikke kans dat ik dan weer verlang naar het Geklaag der Zwangeren, hele dikke vetzakjes-achtige kans. Maar hé, dan hebben we ons mannetje (helemaal compleet, perfect en gezond, want ja, natuurlijk maak ook ik me daar ook zorgen over) en zijn we met zijn vieren (manlief zou het me bijzonder kwalijk nemen als ik Willem, onze hond en ‘eerste zoon’ niet tot ons fort zou rekenen, en terecht natuurlijk), against the world. Vet veel zin in. Net als in de laatste twee maanden overigens. Niks te klagen

Ook leuk